Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
[rechthebbende]
Rechtbank Noord-Holland
De bewindvoerder vordert terugbetaling van drie maanden onverschuldigde huur en de waarborgsom nadat de huurovereenkomst van [rechthebbende] met [gedaagde] was geëindigd. De gedaagde erkent de terugbetalingsplicht niet vanwege vermeende schade en bankkosten die hij op verrekening baseert, maar stelt geen tegenvordering in.
De kantonrechter oordeelt dat het verrekenverweer niet op eenvoudige wijze kan worden vastgesteld vanwege onvoldoende bewijs en onduidelijkheden. De door gedaagde overgelegde factuur en verklaringen zijn onvoldoende om aan te tonen dat de schade en bankkosten daadwerkelijk en voor verrekening vatbaar zijn.
Daarom wordt de vordering van de bewindvoerder tot betaling van € 2.490,00 plus wettelijke rente toegewezen. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen wegens het ontbreken van bewijs van een kosteloze aanmaning. De proceskosten worden aan de gedaagde opgelegd.
Uitkomst: De vordering tot terugbetaling van onverschuldigde huur en waarborgsom wordt toegewezen, het verrekenverweer wordt verworpen.