ECLI:NL:RBNHO:2021:6858
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling termijn voor schuldeisers om vorderingen in te dienen in nalatenschap
De vereffenaar van de nalatenschap van de overledene heeft bij de rechtbank Noord-Holland een verzoek ingediend om een termijn vast te stellen waarbinnen schuldeisers hun vorderingen moeten indienen, conform artikel 4:214 lid 1 BW Pro.
De rechtbank heeft het verzoek zonder zitting behandeld en gelet op het ontbreken van bezwaren het verzoek toegewezen. De vereffenaar is eerder benoemd en opgedragen dit bekend te maken in de Staatscourant.
De kantonrechter acht een termijn van ongeveer twee maanden na de beschikking voldoende voor schuldeisers om hun vorderingen in te dienen en bepaalt daarom de uiterste datum op 1 november 2021. De vereffenaar wordt opgedragen de schuldeisers onverwijld op te roepen hun vorderingen in te dienen.
Deze beschikking is in het openbaar uitgesproken door de kantonrechter S.W.S. Kiliç op 12 augustus 2021.
Uitkomst: De kantonrechter stelt de termijn vast waarop schuldeisers hun vorderingen moeten indienen op 1 november 2021.