ECLI:NL:RBNHO:2021:6858

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
12 augustus 2021
Publicatiedatum
13 augustus 2021
Zaaknummer
9337420 / EJ VERZ / 21-234
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4:214 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vaststelling termijn voor schuldeisers om vorderingen in te dienen in nalatenschap

De vereffenaar van de nalatenschap van de overledene heeft bij de rechtbank Noord-Holland een verzoek ingediend om een termijn vast te stellen waarbinnen schuldeisers hun vorderingen moeten indienen, conform artikel 4:214 lid 1 BW Pro.

De rechtbank heeft het verzoek zonder zitting behandeld en gelet op het ontbreken van bezwaren het verzoek toegewezen. De vereffenaar is eerder benoemd en opgedragen dit bekend te maken in de Staatscourant.

De kantonrechter acht een termijn van ongeveer twee maanden na de beschikking voldoende voor schuldeisers om hun vorderingen in te dienen en bepaalt daarom de uiterste datum op 1 november 2021. De vereffenaar wordt opgedragen de schuldeisers onverwijld op te roepen hun vorderingen in te dienen.

Deze beschikking is in het openbaar uitgesproken door de kantonrechter S.W.S. Kiliç op 12 augustus 2021.

Uitkomst: De kantonrechter stelt de termijn vast waarop schuldeisers hun vorderingen moeten indienen op 1 november 2021.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
Locatie Alkmaar
Zaaknr./repnr.: 9337420 EJ VERZ 21-234
Uitspraakdatum: 12 augustus 2021
Beschikking van de kantonrechter in de zaak van:
[verzoeker] ,
kantoorhoudende te [plaats] ,
verzoeker,
verder te noemen: de vereffenaar,
inzake
de nalatenschap van [xx],
geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] en overleden op [datum] te [plaats] , laatstelijk gewoond hebbende te [plaats] ,
verder te noemen: erflater.

1.Het procesverloop

1.1.
De vereffenaar heeft een verzoek ingediend, ter griffie ingekomen op 13 juli 2021, strekkende tot bepaling van een termijn ex artikel 4:214 lid 1 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW).
1.2.
Gelet op de aard van het verzoek is afgezien van een behandeling ter terechtzitting. Vervolgens is beschikking bepaald.

2.De beoordeling

2.1.
Bij beschikking van 8 juli 2021 van deze rechtbank is verzoeker benoemd tot vereffenaar van de nalatenschap van erflater en is de vereffenaar opgedragen de benoeming bekend te maken in de (elektronische versie van de) Staatscourant.
2.2.
De vereffenaar verzoekt de kantonrechter om een datum vast te stellen waarvoor de schuldeisers van de nalatenschap hun vorderingen bij hem moeten indienen.
2.3.
Nu niet is gebleken van feiten of omstandigheden die zich tegen inwilliging van het verzoek verzetten, zal de kantonrechter, mede gelet op het bepaalde in artikel 4:214 BW Pro, het verzoek toewijzen als hieronder bepaald.
2.4.
De kantonrechter gaat ervan uit dat de oproeping van de schuldeisers van de nalatenschap onverwijld na ontvangst van deze beschikking zal geschieden en is van oordeel dat een termijn van ongeveer 2 maanden voor schuldeisers voldoende is om hun vorderingen bij de vereffenaar in te dienen. De kantonrechter zal de datum waarvoor de schuldeisers hun vorderingen moeten indienen bij de vereffenaar daarom op 1 november 2021 bepalen.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
bepaalt dat de vereffenaar de schuldeisers van de nalatenschap op zal roepen hun vorderingen bij haar in te dienen vóór 1 november 2021.
Deze beschikking is gegeven door mr. S.W.S. Kiliç en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.