Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Bewijs
4.Kwalificatie en strafbaarheid van het feit
5.Strafbaarheid van verdachte
6.Motivering van de sancties
[raadsonderzoeker] en [raadsonderzoeker] , als raadsonderzoekers werkzaam bij de Raad voor de Kinderbescherming. Dit rapport houdt – kort en zakelijk weergegeven – onder meer het volgende in:
7.Vordering benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel
8.Vordering tot tenuitvoerlegging 15/297131-19
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Beslissing
45 (vijfenveertig) dagen.
nietten uitvoer zal worden gelegd en stelt daarbij een proeftijd vast van twee jaren.
- de veroordeelde zich meldt bij De Jeugd- en Gezinsbeschermers, gevestigd te [adres] , zo frequent en zo lang deze instelling dat noodzakelijk acht;
- de veroordeelde een positieve dagbesteding heeft in de vorm van school en/of werk;
- de veroordeelde zal meewerken aan hulpverlening van Sensa Zorg of een soortgelijke hulpverleningsinstantie, zo lang als de jeugdreclassering dat nodig acht;
- de veroordeelde zal meewerken aan een persoonlijkheidsonderzoek door het NIFP of aan een diagnostisch onderzoek binnen het kader van een hulpverleningstraject, te bepalen door de jeugdreclassering;
- de veroordeelde gedurende de proeftijd op geen enkele wijze – direct of indirect – contact zal opnemen, zoeken of hebben met [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum] te [plaats] , tenzij het contact plaatsvindt met toestemming van het Openbaar Ministerie of met uitdrukkelijke instemming van [slachtoffer] zelf, te verifiëren door de jeugdreclassering, bijvoorbeeld in het kader van herstelbemiddeling;
- de veroordeelde gedurende één jaar op geen enkele wijze – direct of indirect – contact zal opnemen, zoeken of hebben met [medeverdachte] , geboren op [geboortedatum] te [plaats] , tenzij het contact plaatsvindt met toestemming van het Openbaar Ministerie.
, een gecertificeerde instelling die jeugdreclassering uitvoert tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden.
40 (veertig) urentaakstraf in de vorm van een werkstraf, bij het niet of niet naar behoren verrichten daarvan te vervangen door 20 (twintig) dagen jeugddetentie.
[slachtoffer]geleden schade tot een bedrag van
€ 80,- (tachtig euro), bestaande uit materiële schade, en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 26 oktober 2020 tot aan de dag der algehele voldoening aan [slachtoffer] , voornoemd, tegen behoorlijk bewijs van kwijting. Bepaalt dat indien genoemd bedrag geheel of gedeeltelijk door een (van de) medeverdachte(n) is betaald, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd.
[slachtoffer]de verplichting op tot betaling aan de Staat van een bedrag van € 80,- (tachtig euro), vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 26 oktober 2020 tot aan de dag der algehele voldoening, bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door
0 dagengijzeling.
30 (dertig) uren, subsidiair 15 (vijftien) dagen jeugddetentie, opgelegd bij vonnis van de kinderrechter van 28 mei 2020.