ECLI:NL:RBNHO:2021:7058
Rechtbank Noord-Holland
- Rekestprocedure
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring klaagschrift opheffing beslag auto wegens ontbreken rechthebbende
Klaagster verzocht op 7 juni 2021 via haar gemachtigde de rechtbank om opheffing van het beslag op een auto die op haar naam stond. De auto was inbeslaggenomen ten behoeve van de waarheidsvinding in een strafrechtelijk onderzoek waarbij haar dochter, de feitelijke gebruiker, werd verdacht van witwassen.
Tijdens de zitting op 18 augustus 2021 werd vastgesteld dat de dochter de auto sinds 2017 gebruikte, de onderhouds- en keuringsfacturen betaalde en ook de boetes vereffende. Klaagster zelf werd niet als bestuurder van het voertuig gezien en had slechts incidenteel als bijrijdster gefungeerd. Het kentekenbewijs werd bij de dochter aangetroffen.
De rechtbank overwoog dat in een klaagschriftprocedure een summiere toets wordt toegepast en dat klaagster niet aannemelijk had gemaakt dat zij de feitelijke rechthebbende van de auto was. De rechtbank volgde het standpunt van de officier van justitie en verklaarde het klaagschrift ongegrond.
Uitkomst: Het klaagschrift tot opheffing van het beslag op de auto wordt ongegrond verklaard omdat klaagster niet als rechthebbende kan worden aangemerkt.