Eisers ontvangen sinds 2016 een bijstandsuitkering en zijn verplicht mee te werken aan een re-integratietraject bij Thobs Career Development. Eisers kregen een maatregel opgelegd waarbij hun bijstand met 50% werd verlaagd wegens onvoldoende deelname aan het traject.
De rechtbank stelt vast dat het re-integratietraject zich richtte op arbeidsmarktoriëntatie en integratie, maar dat eiseres beperkte taalvaardigheden had en het traject mogelijk een overvraging was. Verweerder kon niet concreet aangeven wanneer en welke verwijtbare gedragingen hebben plaatsgevonden. De rapportages van Thobs waren onvoldoende specifiek om de maatregel te rechtvaardigen.
Verder oordeelt de rechtbank dat verweerder terecht heeft gesteld dat eisers hebben afgezien van een hoorzitting, gelet op de communicatie via hun gemachtigde. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en herroept het primaire besluit, veroordeelt verweerder in de proceskosten en bepaalt dat het griffierecht aan eisers wordt vergoed.
Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.