ECLI:NL:RBNHO:2021:7307
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bezwaar tegen beëindiging Ziektewet-uitkering niet tijdig ingediend
Eiser maakte bezwaar tegen het besluit van 15 maart 2019 waarbij zijn Ziektewet-uitkering per 15 april 2019 werd beëindigd. Hij stelde dat hij tijdig op 15 april 2019 het bezwaarschrift persoonlijk had ingediend en per post had verzonden, ondersteund door kopieën met datumstempels.
Verweerder betwistte de tijdigheid en authenticiteit van het bezwaar. Er waren tegenstrijdigheden in de verklaringen van eiser, vertraagde reacties en de stukken waren niet terug te vinden in de administratie van verweerder. Ook waren er aanwijzingen dat datumstempels vervalst waren en was de getuigenverklaring van de gemachtigde van eiser twijfelachtig.
De rechtbank volgde verweerder en oordeelde dat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat het bezwaar tijdig was ingediend. Ook het beroep tegen het uitblijven van een beslissing op het bezwaar werd ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de beëindiging van de Ziektewet-uitkering is niet-ontvankelijk verklaard en het beroep ongegrond.