Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Bewijs
4.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
5.Strafbaarheid van verdachte
6.Motivering van de sanctie
[raadsonderzoeker] , als raadsonderzoeker verbonden aan de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad). Dit rapport houdt – kort en zakelijk weergegeven – onder meer het volgende in:
[medeverdachte] en een contactverbod met het slachtoffer noodzakelijk. De rechtbank zal hierbij bepalen dat het contactverbod met medeverdachte [medeverdachte] voor de duur van één jaar zal gelden, waar de overige bijzondere voorwaarden voor de volledige duur van de proeftijd zullen gelden. Voorwaarden van deze strekking zullen aan het voorwaardelijk deel van de op te leggen straf worden verbonden.
7.Vordering benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
200 (tweehonderd) urentaakstraf in de vorm van een werkstraf, bij het niet of niet naar behoren verrichten daarvan te vervangen door 100 (honderd) dagen jeugddetentie, met bevel dat een gedeelte groot
80 (tachtig) uren, bij niet of niet naar behoren verrichten daarvan te vervangen door 40 (veertig) dagen jeugddetentie,
nietten uitvoer zal worden gelegd en stelt daarbij een proeftijd vast van twee jaren.
- de veroordeelde zich meldt bij De Jeugd- en Gezinsbeschermers, gevestigd te [adres] , zo frequent en zo lang deze instelling dat noodzakelijk acht;
- de veroordeelde zal deelnemen aan een gedragsinterventie van De Hoofdtrainer of een soortgelijke instelling, waarbij veroordeelde zich dient te houden aan de aanwijzingen zoals die gedurende deze gedragsinterventie door of namens voornoemde instelling aan veroordeelde zullen worden gegeven;
- de veroordeelde gedurende de proeftijd op geen enkele wijze – direct of indirect – contact zal opnemen, zoeken of hebben met [slachtoffer] , geboren op [geboortedatum] te [plaats] , tenzij het contact plaatsvindt met toestemming van het Openbaar Ministerie of met uitdrukkelijke instemming van [slachtoffer] zelf, te verifiëren door de jeugdreclassering, bijvoorbeeld in het kader van herstelbemiddeling;
- de veroordeelde gedurende één jaar op geen enkele wijze – direct of indirect – contact zal opnemen, zoeken of hebben met [medeverdachte] , geboren op
, een gecertificeerde instelling die jeugdreclassering uitvoert tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden.
[slachtoffer]geleden schade tot een bedrag van
€ 80,- (tachtig euro), bestaande uit materiële schade, en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 26 oktober 2020 tot aan de dag der algehele voldoening aan [slachtoffer] , voornoemd, tegen behoorlijk bewijs van kwijting. Bepaalt dat indien genoemd bedrag geheel of gedeeltelijk door een (van de) medeverdachte(n) is betaald, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd.
[slachtoffer]de verplichting op tot betaling aan de Staat van een bedrag van € 80,- (tachtig euro), vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 26 oktober 2020 tot aan de dag der algehele voldoening, bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door
0 dagengijzeling.
23 augustus 2021 van de rechtbank Noord-Holland, ten name van verdachte:
- de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting afgelegd;
- het opgemaakte proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant] van
- het opgemaakte proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant] van