ECLI:NL:RBNHO:2021:7705

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
10 september 2021
Publicatiedatum
7 september 2021
Zaaknummer
HAA 21/1063 V, HAA 21/1126 V en HAA 21/1127 V
Type
Uitspraak
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbBesluit proceskosten bestuursrecht
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzet gegrond tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep WOZ-waarde gemeente Velsen

Opposante heeft beroep ingesteld tegen de vastgestelde WOZ-waarden van drie objecten door de gemeente Velsen. De rechtbank had deze beroepen niet-ontvankelijk verklaard omdat de schriftelijke machtiging niet tijdig was ingediend.

In het verzet stelt opposante dat de machtiging wel tijdig is ingediend en dat bovendien op tijd een uitstelverzoek is gedaan. De rechtbank constateert dat het uitstelverzoek op tijd is ontvangen maar niet correct is verwerkt.

Hierdoor had de rechtbank de beroepen niet mogen afdoen als niet-ontvankelijk. Het verzet wordt daarom gegrond verklaard, de eerdere uitspraak vervalt en het onderzoek wordt hervat. De heffingsambtenaar van de gemeente Velsen wordt veroordeeld in de proceskosten van het verzet.

Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard, de eerdere niet-ontvankelijkverklaring vervalt en de gemeente Velsen wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Zittingsplaats Haarlem
Bestuursrecht
zaaknummers: HAA 21/1063 V, HAA 21/1126 V en HAA 21/1127 V

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10 september 2021 op het verzet van

[X] , opposante

(gemachtigde: mr. A. Bakker).

Procesverloop

Opposante heeft tegen de uitspraken op bezwaar van de heffingsambtenaar van de gemeente Velsen van 31 december 2020, inzake de vastgestelde WOZ-waarde van de objecten [A] , [B] en [C] , beroep ingesteld.
Bij uitspraak van 31 mei 2021 heeft de rechtbank de beroepen niet-ontvankelijk verklaard.
Opposante heeft tegen deze uitspraak verzet ingesteld.

Overwegingen

1. De rechtbank heeft in de beroepszaken uitspraak gedaan zonder zitting. Artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) biedt die mogelijkheid als het eindoordeel buiten redelijke twijfel staat. De rechtbank heeft de beroepen kennelijk niet-ontvankelijk geacht. De reden hiervoor is dat opposante niet binnen de gestelde termijn de gevraagde schriftelijke machtiging zou hebben ingediend.
2
.In deze verzetzaak beoordeelt de rechtbank uitsluitend of zij in de buiten-zittinguitspraak terecht heeft geoordeeld dat buiten redelijke twijfel is dat de beroepen niet-ontvankelijk zijn.
3. Opposante voert tegen de uitspraak van de rechtbank aan dat de schriftelijke machtiging van het beroep binnen de gestelde termijn is ingediend, namelijk per faxbericht van 8 april 2021. Bij brief van 16 augustus 2021 voert opposante verder aan dat zij op 7 april 2021 (binnen de gestelde termijn) de rechtbank om uitstel heeft verzocht om de machtiging toe te zenden
.
4. Uit nader onderzoek is het de rechtbank gebleken dat de door opposante genoemde brief van 7 april 2021 op die dag door de rechtbank is ontvangen, maar abusievelijk niet juist is verwerkt. De rechtbank is van oordeel dat het uitstelverzoek tijdig is gedaan. Gelet hierop hadden de beroepen niet vereenvoudigd afgedaan mogen worden. De uitspraak van 31 mei 2021, waarbij de beroepen kennelijk niet-ontvankelijk zijn verklaard, kan dan ook niet in stand blijven.
5. Gelet op het voorgaande dient het verzet gegrond te worden verklaard. Dat betekent dat de buiten-zittinguitspraak vervalt en de rechtbank het onderzoek hervat in de stand waarin dat zich bevond voordat die buiten-zittinguitspraak werd gedaan. De zaken worden hierna alsnog op een zitting behandeld. Ter voorlichting merkt de rechtbank op dat na het onderzoek ter zitting het eindoordeel kan zijn dat de beroepen niet-ontvankelijk zijn.
6 De rechtbank veroordeelt de heffingsambtenaar van de gemeente Velsen voor de in verzet gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 267 (0,5 punt voor het indienen van het verzetschrift, met een waarde per punt van € 534 en wegingsfactor 1).

Beslissing

De rechtbank:
  • verklaart het verzet gegrond;
  • veroordeelt de heffingsambtenaar van de gemeente Velsen in de kosten van het verzet van opposante tot een bedrag van € 267.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.K.A. Efstratiades, rechter, in aanwezigheid van
N. Joacim, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.