Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Het verloop van de procedure
Overwegingen
De uitspraak
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg een administratieve boete opgelegd wegens het handelen in strijd met een geslotenverklaring in beide richtingen. Betrokkene stelde daartegen beroep in bij de officier van justitie, die dit beroep niet-ontvankelijk verklaarde wegens overschrijding van de beroepstermijn van zes weken zoals voorgeschreven in artikel 6:7 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Betrokkene stelde vervolgens beroep in bij de kantonrechter. Tijdens de zitting op 8 januari 2021 verschenen zowel betrokkene als de vertegenwoordiger van de officier van justitie. De kantonrechter oordeelde dat het beroepschrift van betrokkene te laat was ingediend (23 januari 2020 in plaats van uiterlijk 17 januari 2020) en dat geen verschoonbare reden voor deze overschrijding was gegeven, zoals bedoeld in artikel 6:11 Awb Pro.
Daarom werd het beroep van betrokkene terecht niet-ontvankelijk verklaard door de officier van justitie. De kantonrechter verklaarde het beroep ongegrond en kwam niet toe aan een inhoudelijke beoordeling van de zaak. Tegen deze uitspraak is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden binnen zes weken na toezending, mits de boete hoger is dan €70.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard wegens te late indiening van het beroepschrift.