Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Het verloop van de procedure
Overwegingen
De uitspraak
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg een administratieve boete opgelegd wegens het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden. Tegen deze boete werd beroep ingesteld bij de officier van justitie, die het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De kantonrechter oordeelde dat de boete ten onrechte is opgelegd met toepassing van artikel 5 WAHV Pro, omdat geen staandehouding heeft plaatsgevonden. De verbalisant beriep zich op een interne werkinstructie vanwege Covid-19, waardoor geen reële mogelijkheid tot staandehouding zou bestaan. De rechtbank stelde echter dat een staandehouding in de buitenlucht met passende voorzorgsmaatregelen in lijn met RIVM-adviezen wel mogelijk is.
De officier van justitie erkende dat in het begin van de coronaperiode onzekerheid bestond, maar dit betekent niet dat staandehouding in alle gevallen niet mogelijk is. Omdat in dit geval geen concrete omstandigheden waren die staandehouding onveilig maakten, werd de boete vernietigd. Daarnaast werd de officier van justitie veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van €1.068,00.
Uitkomst: De boete is vernietigd omdat de staandehouding ten onrechte niet heeft plaatsgevonden vanwege Covid-19 voorzorgsmaatregelen.