Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Het verloop van de procedure
Overwegingen
De uitspraak
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg een boete opgelegd wegens parkeren in strijd met een parkeerverbod aangegeven met bord E1. Betrokkene stelde beroep in tegen de boete en voerde aan dat het verkeersbesluit ontbrak waarop het parkeerverbod gebaseerd zou moeten zijn.
De kantonrechter verwijst naar de uitspraak van de Hoge Raad van 16 juni 2020, waarin is bepaald dat een boete ook kan worden opgelegd als het verkeersteken niet met inachtneming van wettelijke voorschriften is geplaatst of als er geen geldig verkeersbesluit aan ten grondslag ligt, tenzij de situatie onmiskenbaar afwijkt waardoor het volgen van het bord de verkeersveiligheid in gevaar brengt. Dit was in deze zaak niet het geval.
De kantonrechter oordeelt dat het ontbreken van een verkeersbesluit geen reden is om de boete te vernietigen. Ook ziet hij geen aanleiding om de boete te matigen. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek tot vergoeding van proceskosten wordt afgewezen.
De uitspraak is gedaan op 19 februari 2021 door kantonrechter S. Slijkhuis en in het openbaar uitgesproken. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden binnen zes weken na toezending van de uitspraak.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens parkeren in strijd met een parkeerverbod wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot proceskostenvergoeding wordt afgewezen.