ECLI:NL:RBNHO:2021:9457
Rechtbank Noord-Holland
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Toewijzing proceskosten na intrekking beroep wegens toekenning WW-uitkering
Verzoeker diende een aanvraag in voor een WW-uitkering, die door verweerder op 16 april 2020 werd afgewezen wegens onvoldoende arbeidsweken. Na bezwaar bleef het besluit ongewijzigd, waarna verzoeker beroep instelde bij de rechtbank.
Op 27 september 2021 wijzigde verweerder het besluit alsnog en kende de WW-uitkering toe vanaf 16 maart 2020 tot en met 15 juni 2020. Naar aanleiding hiervan trok verzoeker het beroep in en verzocht om vergoeding van de gemaakte proceskosten.
De rechtbank stelde verweerder in de gelegenheid te reageren en sloot het onderzoek nadat partijen geen gebruik maakten van het recht op een mondelinge behandeling. Op grond van artikel 8:75a Awb en het Besluit proceskosten bestuursrecht werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker, vastgesteld op € 748,-, exclusief het griffierecht dat verzoeker rechtstreeks bij verweerder kan claimen.
Uitkomst: Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker van € 748,-.