ECLI:NL:RBNHO:2021:9527
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.M. Steinhaus
- A. Warmerdam
- M.M.J. de Jager-Koedooder
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schorsing voorlopige hechtenis verdachte doodslag onder invloed LSD
De rechtbank Noord-Holland behandelde het verzoek van de verdediging tot schorsing van de voorlopige hechtenis van een verdachte die wordt verdacht van doodslag tijdens een bad trip na LSD-gebruik. De verdediging stelde dat de twaalf-jaarsgrond voor voortduring van de hechtenis aan gewicht had ingeboet, mede vanwege het lange voorarrest van bijna negen maanden, de jonge leeftijd van de verdachte, het ontbreken van een relevant strafblad en het ontbreken van opzet om een vriend te doden.
De rechtbank overwoog uitgebreid het begrip geschokte rechtsorde en het belang van de aard van het delict, de maatschappelijke reactie, media-aandacht en de wijze waarop informatie zich verspreidt binnen verschillende sociale lagen. Daarbij werd benadrukt dat een te eenzijdige focus op media-aandacht onwenselijk is en dat ook de sociale context en lokale gemeenschappen een rol spelen.
De rechtbank nam mee dat het delict een ernstig levensdelict betreft en dat de verdachte naar eigen zeggen herinnering had aan het gepleegde feit. Lopend onderzoek, waaronder bloedspoorpatroonanalyse en persoonlijkheidsonderzoek door een psycholoog en psychiater, wees niet op volledige ontoerekeningsvatbaarheid. De rechtbank concludeerde dat de schok in de rechtsorde bij vrijlating niet zodanig is verminderd dat schorsing verantwoord is.
Daarom werd het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis afgewezen. De motivering van de rechtbank richtte zich ook op de begrijpelijkheid van de beslissing voor betrokkenen en de samenleving, waarbij rekening werd gehouden met de complexiteit van de zaak en de maatschappelijke impact.
Uitkomst: Het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis wordt afgewezen vanwege het ernstige karakter van het delict en de te verwachten schok in de rechtsorde.