De rechtbank Noord-Holland behandelde op 27 oktober 2022 het verzoek van de officier van justitie om een zorgmachtiging te verlenen aan betrokkene, die lijdt aan schizofrenie en een obsessieve compulsieve stoornis. Betrokkene toont toenemende weerstand tegen noodzakelijke zorg, waardoor de grens tussen drang en dwang onder druk staat.
De advocaat van betrokkene stelde dat wel zorg nodig is, maar geen verplichte zorg, omdat betrokkene de grens tussen drang en dwang nog niet overschrijdt en medewerking met overredingskracht mogelijk is. De psychiater en de rechtbank constateerden echter dat medewerking steeds moeilijker wordt verkregen en dat dwang mogelijk spoedig noodzakelijk is.
De rechtbank oordeelde dat de wettelijke voorwaarden voor een zorgmachtiging zijn vervuld en verleende deze voor zes maanden, waarbij verplichte zorg zoals toediening van medicatie en beperkingen in vrijheid zijn toegestaan. Een opname op een gesloten afdeling werd niet noodzakelijk geacht. De zorgmachtiging is bedoeld om een crisissituatie te voorkomen en de voortgang van de zorg te waarborgen.