Partijen hadden een affectieve relatie en waren gezamenlijk eigenaar van een woning. Na ontbinding van hun samenleving op 6 november 2021 konden zij geen overeenstemming bereiken over de afwikkeling van hun gezamenlijke bezittingen.
Eiseres vorderde onder meer dat de woning wordt verkocht, de inboedel wordt verdeeld, het saldo van de gezamenlijke bankrekening wordt gedeeld, en dat gedaagde zijn aandeel in de hypotheekschuld verhoogd draagt vanwege aankoop van een andere woning. Tevens vorderde zij betaling van gebruiksvergoeding en vergoeding van door haar betaalde lasten.
Gedaagde voerde geen verweer. De rechtbank wees de vorderingen toe, bepaalde dat de woning verkocht moet worden met medewerking van gedaagde, dat de inboedel en bankrekening bij helfte worden verdeeld, en dat gedaagde een verhoogd aandeel in de hypotheekschuld draagt. De gebruiksvergoeding en gebruikerslasten vanaf 6 november 2021 zijn voor rekening van gedaagde. Vergoedingen voor betaalde lasten werden deels toegewezen of afgewezen op basis van bewijs en juridische gronden.
De proceskosten werden gecompenseerd en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.