ECLI:NL:RBNHO:2022:11522
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing van aanvragen NOW-regeling derde tot en met zesde periode bevestigd
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van zijn aanvragen voor tegemoetkoming in loonkosten op grond van de NOW-regeling voor de derde, vierde, vijfde en zesde aanvraagperiode. De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid had deze aanvragen afgewezen omdat eiser geen verplicht verzekerde werknemer had waarvoor loonkosten waren gemaakt.
De Centrale Raad van Beroep had eerder geoordeeld dat de dochter van eiser geen werknemer is in de zin van de socialezekerheidswetten en dat er geen loonkosten zijn gemaakt. Eiser stelde dat een hardheidsclausule toegepast moest worden en dat de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) ook van toepassing was, maar de rechtbank oordeelde dat de NOW-regeling geen hardheidsclausule kent en dat verweerder niet verplicht is om een aanvraag ambtshalve als TVL-aanvraag te behandelen.
De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond en handhaafde de afwijzingen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter L.M. Kos op 12 december 2022.
Uitkomst: De beroepen tegen de afwijzing van de NOW-aanvragen worden ongegrond verklaard en de besluiten blijven in stand.