ECLI:NL:RBNHO:2022:1207

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
21 januari 2022
Publicatiedatum
15 februari 2022
Zaaknummer
9588383 WM
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVArt. 14 WAHVArt. 25 lid 2 RVV
Verwijzingen
4 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging boete parkeren bij blauwe streep wegens onduidelijkheid parkeerschijf

Betrokkene kreeg een boete opgelegd wegens het parkeren van een motorvoertuig bij een blauwe streep terwijl de toegestane parkeertijd zou zijn verstreken. Betrokkene maakte bezwaar tegen deze boete en stelde beroep in bij de officier van justitie, die het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde betrokkene beroep in bij de kantonrechter.

Tijdens de zitting, waarbij de vertegenwoordiger van de officier van justitie aanwezig was en betrokkene niet, is de zaak behandeld. De kantonrechter heeft vastgesteld dat de verbalisant het proces-verbaal baseerde op de tijd die stond aangegeven op een parkeerschijf achter de zij-voorruit, terwijl de correcte parkeerschijf achter de voorruit een andere, juiste tijd aangaf.

Volgens artikel 25 lid 2 RVV Pro moet een motorvoertuig bij een blauwe streep voorzien zijn van een duidelijk zichtbare parkeerschijf achter de voorruit. De kantonrechter concludeert dat de verbalisant zich heeft vergist in de parkeerschijf waarop hij zich baseerde. Hierdoor kan niet worden vastgesteld dat de overtreding heeft plaatsgevonden.

Daarom verklaart de kantonrechter het beroep gegrond, vernietigt de beslissing van de officier van justitie en de boetebeschikking, en beveelt terugbetaling van de betaalde zekerheidstelling aan betrokkene.

Uitkomst: De boete wordt vernietigd omdat de overtreding niet kan worden vastgesteld door een verkeerde parkeerschijf als basis.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknummer : 9588383 \ WM VERZ 21-743
CJIB-nummer : [nummer]
Uitspraakdatum : 21 januari 2022
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
in de zaak van
[betrokkene]

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond dan wel niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 21 januari 2022. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Overwegingen

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: motorvoertuig parkeren bij blauwe streep terwijl toegestane parkeertijd is verstreken.
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd.
In WAHV-zaken biedt de verklaring van een verbalisant in beginsel voldoende grondslag voor de vaststelling van de gedraging. Dit is anders indien de betrokkene voor zijn zaak specifieke feiten en omstandigheden aanvoert die aanleiding geven te twijfelen.
De officier van justitie heeft foto’s opgevraagd van de gedraging bij de verbalisant. Op de foto’s is een parkeerschijf bij de zij-voorruit te zien met daarop een tijdstip van 8.00 uur. Op een andere foto is een parkeerschijf te zien achter de voorruit met daarop een tijdstip aangegeven tussen de 3 en 4.
Ingevolge artikel 25 lid 2 RVV Pro mogen slechts motorvoertuigen op meer dan twee wielen worden geparkeerd bij een blauwe streep/parkeerschijfzone indien het motorvoertuig is voorzien van een achter de voorruit geplaatste duidelijk zichtbare parkeerschijf.
De kantonrechter concludeert dat de verbalisant een proces-verbaal heeft uitgeschreven op basis van de aangegeven tijd op de parkeerschijf achter de zij-voorruit. Echter, de tijd op de schijf achter de voorruit is juist aangegeven. Gelet op voorgaande kan niet worden vastgesteld dat de gedraging is begaan. Het beroep is daarom gegrond. De beschikking waarbij de boete is opgelegd en de beslissing van officier van justitie zullen worden vernietigd.

De uitspraak

De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep gegrond;
‒ vernietigt de beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de
boete is opgelegd;
‒ bepaalt dat de officier van justitie het bedrag dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terugbetaalt.
Deze uitspraak is gedaan door mr. B. Voogd, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 70,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: