ECLI:NL:RBNHO:2022:12082
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek uitsluitend gebruik echtelijke woning en zorgregeling bij gezamenlijke bewoning
Partijen zijn gehuwd en wonen samen in de echtelijke woning. De vrouw verzoekt om het uitsluitend gebruik van de woning toe te wijzen vanwege spanningen en onhoudbare situatie, en tevens om de toevertrouwing van de kinderen en zorgregeling vast te stellen.
De man betwist dat de situatie onhoudbaar is en stelt dat zij al jaren samen in de woning verblijven ondanks frustraties. Hij kan voorlopig niet elders wonen vanwege omstandigheden bij zijn ouders en broer, maar is actief op zoek naar vervangende woonruimte.
De rechtbank oordeelt dat gezamenlijke bewoning nog haalbaar is, er geen sprake is van onveilige of onhoudbare situatie, en de kinderen geen ernstige hinder ondervinden. Daarom wordt het verzoek tot uitsluitend gebruik woning afgewezen. Omdat partijen voorlopig samen blijven wonen, worden ook de verzoeken tot toevertrouwing kinderen en zorgregeling afgewezen.
De rechtbank benadrukt dat de man urgentie moet voelen om snel vervangende woonruimte te vinden en dat de vrouw opnieuw een verzoek kan indienen bij verslechtering van de situatie. Tevens wordt aanbevolen dat partijen in onderling overleg afspraken maken over de kinderen zodra de man verhuist.
Uitkomst: Het verzoek om het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning en de toevertrouwing van de kinderen wordt afgewezen omdat gezamenlijke bewoning voorlopig haalbaar blijft.