In deze zaak vordert DF Alkmaar betaling van abonnementskosten over de maanden januari, februari, juli, augustus, september en november 2020. Gedaagde betwist de vordering en stelt dat gedurende de lockdowns de sportschool gesloten was en hij geen gebruik kon maken van de faciliteiten, waardoor hij niet hoefde te betalen.
De kantonrechter stelt vast dat de gevorderde facturen betrekking hebben op maanden waarin de sportschool geopend was en dat de abonnementen tijdens de sluitingsperiode op non-actief waren gezet en niet geïncasseerd. Het verweer dat gedaagde het abonnement wilde stopzetten wordt verworpen, mede omdat de algemene voorwaarden niet onredelijk bezwarend zijn.
De tegenvordering van gedaagde wegens onverschuldigde betaling en gemaakte kosten wordt afgewezen, omdat hij niet heeft bewezen dat DF Alkmaar ten onrechte bedragen heeft geïncasseerd.
De kantonrechter veroordeelt gedaagde tot betaling van €336,86 plus wettelijke rente en proceskosten, wijst de tegenvordering af en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.