Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Het procesverloop
- [de minderjarige 3] en [de minderjarige 2] , die apart zijn gehoord;
- de vader;
- de moeder, bijgestaan door mr. M. El Ahmadi;
- mevrouw [A] , namens de Raad;
- mevrouw [B] , namens de GI;
Rechtbank Noord-Holland
De Raad voor de Kinderbescherming verzocht om voorlopige ondertoezichtstelling en spoeduithuisplaatsing van drie minderjarige kinderen bij de vader vanwege ernstige zorgen over hun veiligheid en welzijn. Er zijn conflicten tussen de ouders waarbij zowel verbaal als fysiek geweld is gebruikt, en de kinderen geven aan zich het meest veilig te voelen bij de vader.
Tijdens de zitting zijn de kinderen, ouders, Raad en gecertificeerde instelling gehoord, waarbij uiteenlopende verhalen over de thuissituatie naar voren kwamen. De moeder beschuldigt de vader van mishandeling, terwijl de vader de moeder beschuldigt van vernieling en onstabiel gedrag. De kinderen zelf spreken over geweld en geven voorkeur aan verblijf bij de vader.
De kinderrechter acht een voorlopige ondertoezichtstelling noodzakelijk om een acute en ernstige bedreiging weg te nemen en verleent machtiging tot spoeduithuisplaatsing bij de vader tot 14 maart 2023. Er wordt een gezinsvoogd aangesteld om toezicht te houden en de veiligheid en opvoeding te waarborgen. Tevens wordt ingezet op ambulante spoedhulp en het zoeken naar een stabiele woonoplossing voor de ouders en kinderen.
Uitkomst: De kinderrechter verleent voorlopige ondertoezichtstelling en machtigt spoeduithuisplaatsing van de kinderen bij de vader tot 14 maart 2023.