ECLI:NL:RBNHO:2022:1216

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
21 januari 2022
Publicatiedatum
15 februari 2022
Zaaknummer
9577911 WM
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVArt. 14 WAHV
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen boete voor overtreden geslotenverklaring afgewezen door kantonrechter

Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd voor het handelen in strijd met een geslotenverklaring in beide richtingen. Na een ongegrond verklaard beroep bij de officier van justitie, stelde betrokkene beroep in bij de kantonrechter. Op de zitting van 21 januari 2022 was alleen de vertegenwoordiger van de officier van justitie aanwezig.

De kantonrechter oordeelde dat de foto in het dossier, waarop kentekenplaat, merkteken en verlichting zichtbaar zijn, voldoende de contouren van het voertuig toont. Ondanks het ontbreken van een zichtbaar C-bord op de foto’s, waren er schouwrapporten die aantoonden dat het C-bord vóór en na de gedraging aanwezig was en dat het voertuig het bord is gepasseerd.

De officier van justitie had hiermee voldoende onderbouwd dat de boete terecht was opgelegd. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en het verzoek tot proceskostenvergoeding afgewezen. De uitspraak werd in het openbaar gedaan door kantonrechter B. Voogd.

Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens overtreden geslotenverklaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot proceskostenvergoeding wordt afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknummer : 9577911 \ WM VERZ 21-712
CJIB-nummer : [nummer]
Uitspraakdatum : 21 januari 2022
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV) en proces-verbaal van de zitting
in de zaak van
[betrokkene]
gemachtigde : Boete.nu (M.J.M. Bergers)

Het verloop van de procedure en het proces-verbaal van de zitting

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 21 januari 2022. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is niet verschenen.
De vertegenwoordiger van officier van justitie heeft op de zitting meegedeeld de beslissing en het standpunt te handhaven en heeft de kantonrechter verzocht om het beroep ongegrond
De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Overwegingen

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: als bestuurder handelen in strijd met een geslotenverklaring in beide richtingen.
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd.
Namens betrokkene wordt aangevoerd aan dat de foto van de gedraging niet voldoet aan het Beleidskader, omdat de contouren van het voertuig onvoldoende zichtbaar zouden zijn.
De kantonrechter overweegt dat op de zich in het dossier bevindende foto, waarop de kentekenplaat, het merkteken en de verlichting zichtbaar zijn, de contouren van het voertuig hiermee voldoende zichtbaar zijn. Daarbij neemt de kantonrechter in aanmerking dat daarvoor genoeg is dat de omtrek of omtreklijn van het voertuig zichtbaar is. Het verweer treft dan ook geen doel.
De kantonrechter stelt vast dat aan de overige voorwaarden van de beleidsregels wordt voldaan. Op de foto’s die zich bij de stukken bevinden is weliswaar geen C-bord zichtbaar en evenmin dat het voertuig dat bord is gepasseerd, maar er zijn wel schouwrapporten overgelegd (op de zitting of bij de stukken). Uit die schouwrapporten blijkt dat door de verbalisant maandelijks een schouw is gedaan, vóór en na de datum van de gedraging(en), en dat is vastgesteld dat het C-bord aanwezig was, zowel vóór het begin van de geslotenverklaring als bij de ingang van de geslotenverklaring. Daaruit volgt ook dat het voertuig van betrokkene het C-bord is gepasseerd. Aan de hand van die schouwrapporten heeft de officier van justitie voldoende onderbouwd dat ten tijde van de gedragingen het C-bord was geplaatst en is gepasseerd.
De boete is dus terecht opgelegd. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Nu het beroep ongegrond wordt verklaard ziet de kantonrechter geen aanleiding om proceskosten toe te kennen.

De uitspraak

De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep ongegrond;
‒ wijst het verzoek op vergoeding van de proceskosten af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. B. Voogd, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 70,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: