Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De gronden van de beslissing
2.De beslissing
tijdelijkebijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige:
2 maart 2023 PRO FORMA;
Rechtbank Noord-Holland
De man verzocht de kinderbijdrage nihil te stellen, terwijl deze in 2018 bij gebrek aan financiële gegevens op €150 per maand per kind was vastgesteld. Destijds had hij twee kinderen, wat leidde tot een draagkracht van €300 per maand. Nu heeft de man drie kinderen, maar ontbreken opnieuw de benodigde financiële gegevens. De rechtbank bepaalt daarom de kinderbijdrage tijdelijk op €100 per maand voor de minderjarige.
Daarnaast vroeg de man om wijziging van de zorgregeling, waaronder wekelijkse belmomenten, en de vrouw verzocht om het gezag exclusief aan haar toe te kennen en de man verantwoordelijk te stellen voor het halen en brengen van het kind. De Raad voor de Kinderbescherming bracht naar voren dat een beschermingsonderzoek loopt en dat het kind mogelijk klem zit tussen de ouders. De Raad adviseert geen tweewekelijkse belmomenten gezien de leeftijd van het kind.
De rechtbank acht het noodzakelijk dat de Raad het onderzoek uitbreidt naar het gezag en houdt de beslissing hierover aan tot 2 maart 2023. Ook het verzoek tot wijziging van het halen en brengen wordt voorlopig afgewezen en aangehouden. Partijen krijgen de gelegenheid relevante financiële stukken in te dienen of overeenstemming te bereiken over de kinderbijdrage. De rechtbank verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad en stelt een termijn voor ontvangst van het rapport en financiële stukken op 23 februari 2023.
Uitkomst: De kinderbijdrage wordt tijdelijk vastgesteld op €100 per maand en de beslissing over het gezag wordt aangehouden tot 2 maart 2023.