Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNHO:2022:12206

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
16 december 2022
Publicatiedatum
2 februari 2023
Zaaknummer
10185906 WM
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVArt. 14 WAHV
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen boete voor vasthouden mobiel apparaat tijdens rijden gegrond verklaard

Betrokkene kreeg een administratieve boete opgelegd wegens het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden. Tegen deze boete stelde betrokkene beroep in bij de officier van justitie, die het beroep ongegrond of niet-ontvankelijk verklaarde. Vervolgens stelde betrokkene beroep in bij de kantonrechter.

Tijdens de zitting op 16 december 2022 toonde betrokkene een filmpje waarin werd aangetoond dat er veel verlichting aanwezig is in de cabine van de vrachtwagen. Hierdoor was het aannemelijk dat de verbalisant de verlichting op het dashboard ten onrechte als een mobiel apparaat had aangezien. De officier van justitie stelde voor het beroep gegrond te verklaren, wat de kantonrechter volgde.

De kantonrechter gaf betrokkene het voordeel van de twijfel, verklaarde het beroep gegrond en vernietigde zowel de boetebeschikking als de beslissing van de officier van justitie. Het bedrag dat betrokkene als zekerheidstelling had betaald, moet worden terugbetaald.

Uitkomst: Het beroep tegen de boete is gegrond verklaard en de boetebeschikking is vernietigd.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknummer : 10185906 \ WM VERZ 22-920
CJIB-nummer : 240058774
Uitspraakdatum : 16 december 2022
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
in de zaak van
[betrokkene]
[gemachtigde]

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond dan wel niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 16 december 2022. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is ook verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Overwegingen

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: als bestuurder tijdens het rijden een mobiel elektronisch apparaat vasthouden.
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd.
De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft voorgesteld om het beroep gegrond te verklaren, gelet op het consistente verweer van betrokkene. Ter zitting heeft betrokkene met een filmpje laten zien dat er veel verlichting in de cabine van de vrachtwagen aanwezig is. Het is goed mogelijk dat de verbalisant de verlichting op het dashboard als een mobiel elektronisch apparaat heeft aangezien. De kantonrechter volgt het voorstel van de vertegenwoordiger van de officier van justitie en geeft betrokkene het voordeel van de twijfel. Het beroep wordt daarom gegrond verklaard.
De beschikking waarbij de boete is opgelegd en de beslissing van officier van justitie zullen worden vernietigd.

De uitspraak

De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep gegrond;
‒ vernietigt de beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de
boete is opgelegd;
‒ bepaalt dat de officier van justitie het bedrag dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terugbetaalt.
Deze uitspraak is gedaan door mr. B. Voogd, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 70,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: