Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Het verloop van de procedure
Overwegingen
De uitspraak
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg een administratieve boete opgelegd wegens het negeren van een geslotenverklaring voor alle motorvoertuigen (bord C12/20). Tegen deze boete stelde betrokkene beroep in bij de officier van justitie, die het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter.
Tijdens de zitting op 24 juni 2022 was de vertegenwoordiger van de officier van justitie aanwezig, betrokkene niet. De kantonrechter oordeelde dat uit de verklaring van de verbalisant voldoende blijkt dat de overtreding heeft plaatsgevonden. Betrokkene had onvoldoende feiten aangevoerd om aan deze verklaring te twijfelen.
De kantonrechter verwees naar jurisprudentie waarin is vastgesteld dat de verbalisant ter plaatse de bebording controleert voorafgaand aan de controle. De enkele stelling van betrokkene dat er mogelijk afwijkende of ontbrekende bebording was, werd niet als voldoende reden gezien om de boete te matigen of te vernietigen.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en de boete gehandhaafd. De uitspraak werd in het openbaar gedaan door kantonrechter B. Voogd. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden binnen zes weken na toezending.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens overtreding van de geslotenverklaring motorvoertuigen wordt ongegrond verklaard.