Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Het verloop van de procedure en het proces-verbaal van de zitting
Overwegingen
De uitspraak
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg een administratieve boete opgelegd voor het rechts inhalen waar dat verboden is. Tegen deze boete stelde betrokkene beroep in bij de officier van justitie, die het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter.
Tijdens de zitting op 7 juni 2022 verschenen de gemachtigde van betrokkene en de vertegenwoordiger van de officier van justitie. De officier handhaafde het standpunt en verzocht om ongegrondverklaring van het beroep. Betrokkene was niet aanwezig om nadere toelichting te geven.
De kantonrechter oordeelde dat de verklaring van de verbalisant, waarin onder meer het aantal ingehaalde voertuigen en de rijstroken werden genoemd, voldoende was om de overtreding vast te stellen. Betrokkene bracht onvoldoende feiten aan om aan deze verklaring te twijfelen. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete voor rechts inhalen wordt ongegrond verklaard.