ECLI:NL:RBNHO:2022:12388
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Wrakingsverzoek na einduitspraak kennelijk niet-ontvankelijk verklaard
Verzoekster diende op 10 maart 2022 een wrakingsverzoek in tegen de rechter in een handelszaak, nadat de einduitspraak op 9 maart 2022 was gedaan. De wrakingskamer overwoog dat volgens het Wrakingsprotocol van de rechtbank een wrakingsverzoek niet kan worden ingediend na de einduitspraak.
De mondelinge behandeling in de hoofdzaak vond plaats op 9 februari 2022 via MS Teams, nadat verzoekster had gevraagd om een fysieke zitting, wat niet mogelijk bleek. Op 9 maart 2022 wees de rechter het vonnis waarbij verzoekster in het ongelijk werd gesteld en werd veroordeeld tot betaling aan de wederpartij.
Omdat het wrakingsverzoek pas na deze einduitspraak werd ingediend, verklaarde de wrakingskamer het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk. De beslissing werd op 22 maart 2022 in het openbaar uitgesproken en is niet vatbaar voor beroep.
Uitkomst: Wrakingsverzoek is kennelijk niet-ontvankelijk verklaard omdat het na de einduitspraak is ingediend.