Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Het verloop van de procedure
Overwegingen
De uitspraak
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg meerdere bestuursrechtelijke boetes opgelegd voor het stilstaan op het trottoir, voetpad, (brom)fietspad of ruiterpad, wat niet is toegestaan. Betrokkene maakte bezwaar tegen deze boetes, waarop de officier van justitie het beroep ongegrond of niet-ontvankelijk verklaarde. Vervolgens stelde betrokkene beroep in bij de kantonrechter.
Tijdens de zitting op 20 mei 2022 verschenen zowel betrokkene als de vertegenwoordiger van de officier van justitie. De officier van justitie stelde voor om de eerste boete in stand te laten en de overige drie boetes te matigen tot nihil, omdat het opleggen van meerdere boetes voor dezelfde gedraging in korte tijd zou leiden tot een onevenredig hoog totaalbedrag.
De kantonrechter volgde dit standpunt en oordeelde dat matiging van de sancties passend is. De eerste boete (CJIB-nummer 240140759) blijft gehandhaafd, terwijl de daaropvolgende boetes worden gematigd tot nihil. Het beroep van betrokkene werd derhalve ongegrond verklaard.
De uitspraak werd openbaar gedaan en betrokkene werd gewezen op de mogelijkheid van hoger beroep bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden binnen zes weken, mits de boete meer dan €70 bedraagt.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de eerste boete blijft gehandhaafd, terwijl de overige boetes worden gematigd tot nihil.