ECLI:NL:RBNHO:2022:3036
Rechtbank Noord-Holland
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verstekvonnis in luchtvaartclaim verzetzaak tegen Transavia Airlines
In deze civiele verzetzaak heeft Transavia Airlines verzet aangetekend tegen een verstekvonnis in een luchtvaartclaimprocedure. De passagiers hadden een vordering ingesteld wegens vluchtvertraging. Transavia stelde in haar conclusie van repliek dat de passagiers hun vordering hadden gecedeerd aan een claimbureau en dat sprake was van een buitengewone omstandigheid, waardoor geen compensatie verschuldigd zou zijn.
De kantonrechter oordeelde dat deze verweren te laat (tardief) waren ingebracht, aangezien Transavia deze al in de verzetdagvaarding had moeten aanvoeren. Ook werd afgewezen dat de conclusie van repliek als een inhoudelijke conclusie van antwoord zou worden aangemerkt. Het verzoek om een aanvullende schriftelijke ronde werd eveneens afgewezen.
Daarmee werd het verzet ongegrond verklaard en het verstekvonnis van 11 maart 2020 bevestigd. Transavia werd veroordeeld in de proceskosten van de passagiers, vastgesteld op €124. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het verzet van Transavia Airlines wordt ongegrond verklaard en het verstekvonnis bevestigd met veroordeling in proceskosten.