ECLI:NL:RBNHO:2022:4224
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen recht op WIA-uitkering wegens niet doorlopen wachttijd van 104 weken
Eiser verzocht om een herbeoordeling van zijn recht op een WIA-uitkering wegens verslechterde gezondheid. Verweerder wees dit af omdat eiser de wettelijke wachttijd van 104 weken niet had vervuld, zoals eerder vastgesteld in een definitief besluit van 6 december 2017. Eiser stelde dat zijn oogklachten en andere lichamelijke klachten zijn toegenomen en dat hij daarom aanspraak kon maken op een uitkering.
De rechtbank oordeelde dat de wettelijke wachttijd van 104 weken, zoals vereist in artikel 23 van Pro de Wet WIA, niet was doorlopen omdat de Ziektewet-uitkering van eiser in april 2008 was geëindigd en hij daarna geen nieuwe wachttijd heeft opgebouwd. Ook de regeling voor toegenomen arbeidsongeschiktheid (Wet Amber) is niet van toepassing zonder deze wachttijd.
De rechtbank bevestigde dat het eerdere besluit van 6 december 2017 rechtsgeldig is en dat de medische informatie die eiser aanvoerde onvoldoende was om dit te herzien. Daarom is het beroep ongegrond verklaard en blijft het besluit van 14 januari 2021 van verweerder in stand. De rechtbank adviseerde eiser contact op te nemen met andere instanties voor mogelijke voorzieningen.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard omdat hij niet de wettelijke wachttijd van 104 weken heeft doorlopen voor een WIA-uitkering.