Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Het verloop van de procedure en het proces-verbaal van de zitting
Overwegingen
De uitspraak
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg twee boetes opgelegd voor snelheidsovertredingen op 18 juli 2021, beide op de Middenweg te Heerhugowaard, met een tijdsinterval van twee minuten en in tegengestelde richting. Betrokkene maakte bezwaar tegen de boetes en stelde beroep in bij de officier van justitie, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter.
Op de zitting van 18 maart 2022 verschenen zowel de gemachtigde van betrokkene als de vertegenwoordiger van de officier van justitie. De kantonrechter oordeelde dat de twee overtredingen afzonderlijke gedragingen zijn, waarvoor elk een boete kan worden opgelegd. Er was geen reden om de boetes te matigen, ook niet vanwege de financiële situatie van betrokkene, die niet onderbouwd was.
De kantonrechter vond dat betrokkene voldoende gelegenheid had om zijn snelheid aan te passen, maar dit niet had gedaan. Daarom waren de boetes terecht opgelegd. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding werd afgewezen. De uitspraak werd openbaar gedaan op 25 maart 2022.
Uitkomst: Het beroep tegen de opgelegde boetes wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot proceskostenvergoeding wordt afgewezen.