ECLI:NL:RBNHO:2022:4419
Rechtbank Noord-Holland
- Bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing compensatieclaim wegens onvoldoende stelplicht vertraging eindbestemming
Airhelp GmbH vordert compensatie van Turk Havayollari A.O. wegens vertraging van een vlucht op 2 mei 2019, gebaseerd op Verordening (EG) nr. 261/2004. Airhelp stelt dat de vervoerder gehouden is tot betaling van €400 compensatie wegens vertraging.
De vervoerder betwist de vordering en voert onder meer aan dat Airhelp nodeloos heeft gedagvaard zonder voorafgaande aanmaning. De kantonrechter oordeelt dat hoewel Airhelp tekort is geschoten in het buitengerechtelijk aanmanen, dit niet leidt tot afwijzing van de hoofdsom, maar mogelijk tot gevolgen voor proceskosten.
De kern van de afwijzing ligt in het niet voldoen aan de stelplicht en bewijslast door Airhelp. De vertraging op de eindbestemming is onvoldoende concreet onderbouwd; het enkel verwijzen naar een vluchtstatus met een vertraging van 3 uur en 27 minuten is onvoldoende, mede omdat Istanbul niet de eindbestemming was. Hierdoor wordt de vordering afgewezen en worden de proceskosten aan Airhelp opgelegd.
Uitkomst: De vordering tot compensatie wegens vluchtvertraging wordt afgewezen wegens onvoldoende stelplicht en bewijslast, met veroordeling van Airhelp tot betaling van proceskosten.