Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De procedure
2.De beoordeling
- [meerderjarige 1] , geboren op [geboortedatum] te [plaats] ;
- [meerderjarige 2] , geboren op [geboortedatum] te [plaats] ; en
- [meerderjarige 2] , geboren op [geboortedatum] te [plaats] (Spanje).
Ter zitting heeft de vrouw betoogd dat haar behoefte bij nader inzien dient te worden vastgesteld op € 5.100,00 netto per maand. Deze behoefte heeft zij gebaseerd haar eigen inkomsten van € 4.900,00 per jaar, het gemiddelde van de privé onttrekkingen uit het bedrijf van de man in 2017, 2018 en 2019 en huurinkomsten van een vakantiewoning van partijen van gemiddeld € 2.500,00 per maand. In deze berekening heeft zij rekening gehouden met maandelijkse kosten voor de kinderen van € 1.345,00.
- [rekeningnummer] , saldo op 27 juni 2021 bedroeg € 296,06;
- Rekening bij Banco Populair te Spanje, saldo onbekend.
- belastingschuld van de man over de jaren 2017 tot en met 2019 van € 46.801,00;
- schuld van de man bij zijn vader van € 17.000,00;
- schuld van de man bij het UWV van € 392,01;
- nog op te leggen belastingaanslagen van 2020: € 22.094,- en half jaar over 2021 € 11.047,-;
- schuld van partijen bij [bedrijf] ad € 2.000,00. Dit betreft de restant betaling van een schuur op [perceel grond] . De man weet niet of dit bedrag nog opgeëist zou worden door de schuldeiser.