ECLI:NL:RBNHO:2022:5735
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling huurachterstand en toerekening van huurbetalingen door huurder
De Woningstichting Den Helder vordert betaling van een huurachterstand van €3.637,62 en buitengerechtelijke incassokosten van €553,30 van de huurder, die structureel te laat betaalde vanaf november 2020. De huurder betwist de vordering en stelt dat zij de volledige huur heeft voldaan, met uitzondering van een foutieve betaling in december 2020 die zij in januari 2021 heeft rechtgezet.
De kantonrechter stelt vast dat de huurder de huur niet tijdig heeft voldaan en dat de Woningstichting de deelbetalingen terecht heeft toegerekend aan openstaande kosten en rente, waardoor de huur van november 2020 niet volledig is betaald. De huurder erkent niet dat de betaling van 25 november 2020 niet voor die maand is bedoeld.
De buitengerechtelijke incassokosten worden slechts gedeeltelijk toegewezen, omdat na vier aanmaningen duidelijk was dat de huurder in gebreke bleef. De kantonrechter veroordeelt de huurder tot betaling van €89,85 plus wettelijke rente vanaf 21 januari 2022 en tot vergoeding van proceskosten. De vordering wordt voor het overige afgewezen.
Uitkomst: Huurder wordt veroordeeld tot betaling van €89,85 plus wettelijke rente en proceskosten wegens niet volledig betaalde huur van november 2020.