ECLI:NL:RBNHO:2022:5794
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte medeplegen moord jonge vrouw wegens gebrek aan bewijs
De rechtbank Noord-Holland behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van medeplegen van moord of doodslag op een jonge vrouw in februari 2018. Uit het dossier bleek dat het slachtoffer door opzettelijk gewelddadig handelen van een ander om het leven is gekomen en dat het lichaam is verborgen om sporen te wissen.
De officieren van justitie vorderden vrijspraak voor de verdachte omdat er onvoldoende bewijs was dat hij als medepleger betrokken was bij de levensberoving. De verdediging betoogde eveneens dat er geen wettig en overtuigend bewijs was voor betrokkenheid van verdachte bij het misdrijf.
De rechtbank oordeelde dat het dossier onvoldoende bewijs bevatte om vast te stellen dat verdachte gezamenlijk met anderen het misdrijf heeft uitgevoerd of een wezenlijke bijdrage heeft geleverd. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij. Daarnaast werden de schadevorderingen van de ouders van het slachtoffer afgewezen wegens het ontbreken van bewezen schuld. De uitspraak werd gedaan op 5 juli 2022 door een meervoudige strafkamer.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor medeplegen moord op jonge vrouw.