Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Het procesverloop
- de ouders, bijgestaan door hun advocaat mr. E.B. Warmerdam-Wolfs, kantoorhoudende te Alkmaar,
- namens de GI, [vertegenwoordiger van de GI] en [vertegenwoordiger van de GI] .
Rechtbank Noord-Holland
Na intrekking van een spoedmachtiging tot uithuisplaatsing verzocht de gecertificeerde instelling (GI) opnieuw om uithuisplaatsing van een jonge baby, op basis van nieuwe informatie uit telefoontaps waaruit bleek dat de ouders zich niet aan veiligheidsafspraken hielden.
De ouders erkenden een enkele schending van het zes ogenbeleid op 14 mei 2022, veroorzaakt door bijzondere omstandigheden zoals een familiebruiloft, maar gaven aan sindsdien volledig mee te werken en de afspraken na te leven. De kinderrechter nam dit standpunt serieus en concludeerde dat de schending niet ernstig genoeg was om opnieuw tot uithuisplaatsing over te gaan.
De kinderrechter benadrukte dat sinds de terugplaatsing op 9 juni 2022 de ouders zich aan de veiligheidsafspraken houden en dat recente medische onderzoeken geen nieuw letsel aan het licht brachten. Het verzoek van de GI werd daarom afgewezen omdat uithuisplaatsing niet noodzakelijk is in het belang van de verzorging en opvoeding van de minderjarige.
Uitkomst: Het verzoek tot uithuisplaatsing van de minderjarige wordt afgewezen omdat de ouders zich aan de veiligheidsafspraken houden en uithuisplaatsing niet noodzakelijk is.