Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Het verloop van de procedure en het proces-verbaal van de zitting
Overwegingen
De uitspraak
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg een boete opgelegd wegens het rijden van 5 km per uur te hard binnen de bebouwde kom op 22 maart 2021. Betrokkene stelde beroep in tegen deze administratieve sanctie, waarbij hij de aanwezigheid van de bebording betwistte. De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde de boete.
Tijdens de zitting op 29 maart 2022 werd door de gemachtigde van betrokkene verwezen naar een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (ECLI:NL:GHARL:2022:1009), waarin werd gesteld dat de aanwezigheid van bebording niet onomstotelijk was aangetoond. De officier van justitie overhandigde echter aanvullend een proces-verbaal van schouw van 12 januari 2021 en een Googlemaps-afdruk van april 2021, waaruit bleek dat de H1-bebording aanwezig was.
De kantonrechter oordeelde dat de vergelijking met het genoemde arrest niet opgaat, omdat in deze zaak ook een schouwrapport was overgelegd. Hierdoor was voldoende onderbouwd dat de bebording ten tijde van de overtreding aanwezig was. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek tot proceskostenvergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete voor snelheidsovertreding binnen de bebouwde kom wordt ongegrond verklaard.