Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.[eiser 1]
[eiser 2]
Rechtbank Noord-Holland
De passagiers sloten een vervoersovereenkomst met de vervoerder voor een vlucht van Amsterdam naar Kos die geannuleerd werd vanwege een storing in het tanksysteem op Schiphol, een buitengewone omstandigheid. Zij vorderden compensatie en buitengerechtelijke incassokosten omdat de vervoerder hen onvoldoende zou hebben geïnformeerd over de annulering en de reden daarvan.
De vervoerder stelde dat hij de passagiers vooraf via e-mail had geïnformeerd over de buitengewone omstandigheid en dat de passagiers, bijgestaan door een professioneel claimkantoor, hiervan op de hoogte hadden kunnen zijn. De passagiers erkenden de buitengewone omstandigheid en trokken hun vordering tot compensatie in, maar bleven de incassokosten vorderen.
De rechtbank oordeelde dat de passagiers onvoldoende hadden onderbouwd dat er meer werkzaamheden waren verricht dan het versturen van enkele brieven, waardoor de vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten werd afgewezen. De proceskosten werden aan de passagiers opgelegd, die tevens de nakosten moeten vergoeden. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Vordering buitengerechtelijke incassokosten afgewezen; passagiers veroordeeld tot betaling van proceskosten en nakosten.