ECLI:NL:RBNHO:2022:6467
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs bij diefstal katalysator
Op 5 april 2022 werd een katalysator van een Toyota Prius gestolen in Eindhoven. Verdachte werd ervan beschuldigd medeplegen en medeplichtigheid aan deze diefstal. De officier van justitie eiste een bewezenverklaring van het primair ten laste gelegde feit.
De verdediging voerde aan dat het bewijs hoofdzakelijk berustte op herkenningen van verdachte op camerabeelden die te onduidelijk waren om iemand betrouwbaar te kunnen identificeren. De rechtbank stelde vast dat hoewel er aanwijzingen waren die ernstige bezwaren tegen verdachte ondersteunden, zoals communicatie over locaties van diefstallen en aanwezigheid in auto's met gereedschap, dit geen direct bewijs vormde voor betrokkenheid bij de specifieke diefstal.
De rechtbank beoordeelde de bewijskracht van de herkenningen door twee verbalisanten op basis van camerabeelden. Ondanks dat de verbalisanten hun herkenningen voldoende toelichtten, waren de beelden onscherp, donker, met regen en tegenlicht, waardoor weinig specifieke persoonskenmerken zichtbaar waren. Hierdoor vond de rechtbank de herkenningen onvoldoende betrouwbaar om tot een bewezenverklaring te komen.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van de ten laste gelegde feiten. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige strafkamer van de Rechtbank Noord-Holland op 25 juli 2022.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijskracht van betrokkenheid bij de diefstal.