Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.[eiser 1],
[eiser 2],
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Holland
In deze zaak verzochten eisers de rechtbank om aanvulling van het eerder gewezen vonnis van 13 juli 2022, omdat daarin niet was beslist over hun vordering tot betaling van buitengerechtelijke kosten van € 2.288,45. Gedaagde verweerde zich door te stellen dat deze kosten, indien toe te kennen, conform de BIK-staffel naar beneden moesten worden bijgesteld afhankelijk van het toegekende schadebedrag.
De rechtbank oordeelde dat zij inderdaad niet op dit onderdeel had beslist en dat aanvulling van het vonnis op grond van artikel 32 lid 1 Rv Pro passend was. Aangezien in het eerdere vonnis was vastgesteld dat gedaagde schadeplichtig was voor een bedrag van € 44.393,-, werd de hoogte van de buitengerechtelijke kosten vastgesteld conform de BIK-staffel, namelijk € 875 plus 1% over het meerdere boven € 10.000, wat neerkomt op € 1.218,93.
De rechtbank veroordeelde gedaagde tot betaling van dit bedrag aan eisers en bepaalde dat deze aanvulling op de minuut van het vonnis van 13 juli 2022 zou worden vermeld. De beslissing werd op 3 augustus 2022 in het openbaar uitgesproken door rechter Th.S. Röell.
Uitkomst: Gedaagde is veroordeeld tot betaling van € 1.218,93 aan buitengerechtelijke kosten aan eisers.