ECLI:NL:RBNHO:2022:7386

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
24 augustus 2022
Publicatiedatum
17 augustus 2022
Zaaknummer
9827476 \CV EXPL 22-2375
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlof tot oproeping in vrijwaring toegewezen in schadezaak bestrating

In deze civiele procedure vordert Aegon Schadeverzekering betaling van schadevergoeding wegens beschadiging van bestrating van een verzekerde. Gedaagde betwist de omvang van de schade en vraagt verlof om de verzekerde en een tweede partij in vrijwaring op te roepen, omdat hij de schadevergoeding eventueel op hen wil verhalen.

De kantonrechter overweegt dat een veroordeling in de hoofdzaak gedaagde in staat stelt regres te nemen op de verzekerde en de tweede partij. Daarom wordt het verzoek tot oproeping in vrijwaring toegewezen. De proceskosten in het incident worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.

De hoofdzaak wordt verwezen naar een rolzitting voor beraad en verdere beslissing wordt aangehouden. Het vonnis is gewezen door kantonrechter W. Aardenburg en in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: Verlof tot oproeping in vrijwaring toegewezen en proceskosten gecompenseerd.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Zaaknr./rolnr.: 9827476 \CV EXPL 22-2375
Uitspraakdatum: 24 augustus 2022
Vonnis van de kantonrechter in het incident in de zaak van:
de naamloze vennootschap
Aegon Schadeverzekering N.V.
handelende onder de naam AEGON Schadeverzekering, Nederlandse Verzekeringsgroep, AEGON, Aegon Schadeverzekering en Aegon
gevestigd en kantoor houdende te ’s-Gravenhage
eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident
verder te noemen: Aegon
gemachtigde: GGN Mastering Credit B.V.
tegen
[gedaagde] ,
(mede) handelend onder de naam [handelsnaam]
wonende althans zaakdoende te [plaats]
gedaagde in de hoofdzaak, eiser in het incident
verder te noemen: [gedaagde]
gemachtigde: mr. K.R. Stephan.

1.Het procesverloop

1.1.
Aegon heeft bij dagvaarding van 4 april 2022 een vordering tegen [gedaagde] ingesteld. [gedaagde] heeft een incidentele conclusie tot oproeping in vrijwaring genomen, en geantwoord in de hoofdzaak. Aegon heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2.De vordering in de hoofdzaak

2.1.
Aegon vordert dat de kantonrechter [gedaagde] veroordeelt tot betaling van € 1.112,68. Dit bedrag bestaat uit de hoofdsom van € 886,34, de reeds verschenen van € 65,47 en de buitengerechtelijke kosten inclusief btw ad € 160,87. Zij legt aan de vordering ten grondslag dat [gedaagde] onrechtmatig heeft gehandeld door bestrating van een verzekerde van haar,
[verzekerde] te beschadigen welke schade door haar aan [verzekerde] is vergoed. Zij stelt dat [gedaagde] aansprakelijk is voor deze schade en deze aan haar moet terugbetalen.

3.De vordering in het incident

3.1.
[gedaagde] vordert dat hem zal worden toegestaan [verzekerde] en [verzekerde 2] in vrijwaring op te roepen. Hij legt aan de vordering ten grondslag – kort weergegeven – dat hij slechts een paar terrastegels heeft beschadigd en zeker geen 25 m2 en dat de familie [verzekerde] kennelijk op zijn kosten een geheel nieuw terras wil aanleggen. Hij voert verder aan dat hij als hij wordt veroordeeld enig bedrag aan Aegon te betalen hij die schadevergoeding rechtstreeks wil verhalen op de familie [verzekerde] .

4.Het verweer in het incident

4.1.
Aegon refereert zich aan het oordeel van de kantonrechter.

5.De beoordeling in het incident

5.1.
Een veroordeling van [gedaagde] in de hoofdzaak kan tot gevolg hebben, dat [gedaagde] op grond van zijn rechtsverhouding met [verzekerde] en [verzekerde 2] geheel dan wel gedeeltelijk regres zal kunnen nemen op de familie [verzekerde] .
Daarom wordt het verzoek toegewezen.
5.2.
De proceskosten in het incident worden gecompenseerd in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt, omdat geen van partijen ongelijk krijgt.

6.De beslissing

De kantonrechter:
in het incident:
6.1.
staat [gedaagde] toe [verzekerde] en [verzekerde 2] , [adres] , te dagvaarden tegen de rolzitting van 21 september 2022 te 10.00 uur om op de eis in de vrijwaring te antwoorden;
6.2.
compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt;
in de hoofdzaak:
6.2.
verwijst de zaak naar diezelfde rolzitting voor beraad;
6.3.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. W. Aardenburg, kantonrechter, en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter