ECLI:NL:RBNHO:2022:7807

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
30 augustus 2022
Publicatiedatum
30 augustus 2022
Zaaknummer
C/15/325880 / FA RK 22-1073
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:5 BWArt. 1:20e lid 1 BWArt. 1:227 BWArt. 1:228 BW
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing stiefouderadoptie door partner van juridische vader na overlijden moeder

De rechtbank Noord-Holland heeft op 30 augustus 2022 het verzoek tot stiefouderadoptie van een minderjarige door de partner van zijn juridische vader toegewezen. De moeder van de minderjarige is overleden. De vader, die het gezag over de minderjarige heeft, stemde in met de adoptie. Ook de minderjarige gaf in een gesprek met de kinderrechter zijn instemming.

De rechtbank oordeelde dat de adoptie in het kennelijk belang van de minderjarige is en dat aan de wettelijke voorwaarden van de artikelen 1:227 en 1:228 BW is voldaan. De minderjarige, die 16 jaar of ouder is, heeft gekozen zijn huidige geslachtsnaam te behouden. De adoptie heeft geen gevolgen voor het gezag, aangezien de minderjarige binnen korte tijd meerderjarig wordt.

De rechtbank gelastte de inschrijving van de geboorteakte in de registers van de burgerlijke stand van ’s-Gravenhage en de latere vermelding van de adoptie. Tegen deze beschikking kan binnen drie maanden hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam.

Uitkomst: Het verzoek tot stiefouderadoptie door de partner van de juridische vader is toegewezen met behoud van de geslachtsnaam van de minderjarige.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Familie en Jeugd
locatie Alkmaar
zaak-/rekestnr.: C/15/325880 / FA RK 22-1073
beschikking van 30 augustus 2022 betreffende éénouderadoptie (door de stiefouder)
in de zaak van:
[naam verzoekster] ,
geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] ,
wonende te [woonplaats] ,
hierna te noemen: verzoekster,
advocaat: mr. N.H. Fridsma, kantoorhoudende te Heemskerk.

1.Procedure

1.1
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift, met bijlagen, van verzoekster, ingekomen op 2 maart 2022;
- de brief van de Raad voor de Kinderbescherming (hierna te noemen: de Raad), ingekomen op 30 mei 2022;
- de schriftelijke reactie van de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Den Haag (hierna te noemen: ABS), ingekomen op 4 juli 2022.
1.2
Er heeft geen mondelinge behandeling van de zaak plaatsgevonden.
1.3
De minderjarige [naam] heeft zijn mening kenbaar gemaakt in een gesprek met de kinderrechter op 11 mei 2022.

2.Feiten en omstandigheden

2.1
De minderjarige
[naam]is geboren op [geboortedag] 2004
te [geboorteplaats] (hierna te noemen: [de minderjarige] ) als zoon van
[naam moeder]
(hierna te noemen: de moeder).
2.2
Blijkens de geboorteakte is [de minderjarige] bij akte, verleden voor de ambtenaar van de
burgerlijke stand van Amsterdam, op 23 augustus 2004 erkend door
[naam vader]
(hierna te noemen: de vader).
2.3
De moeder is overleden op [datum] 2005 te [plaats] .
2.4
Verzoekster en de vader zijn met elkaar gehuwd op [huwelijksdatum] in de [huwelijksplaats]
.
2.5.
De minderjarige kinderen van verzoekster en de vader zijn:
- [kind 1] , geboren op [geboortedatum] in de [geboorteplaats]
,
- [kind 2] , geboren op [geboortedatum] in de [geboorteplaats] .
2.6
Deze rechtbank, locatie Alkmaar, heeft bij uitvoerbaar bij voorraad verklaarde
beschikking van 23 mei 2022 de vader belast met het gezag over [de minderjarige] .
2.7
Verzoekster zorgt sinds kort na de geboorte van [de minderjarige] samen met de vader voor [de minderjarige] .

3.Verzoek

3.1
Verzoekster heeft verzocht, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, de adoptie uit te spreken van [de minderjarige] door haar.

4.Beoordeling

adoptie
4.1
De met het gezag belaste vader, tevens echtgenoot van verzoekster, stemt in met het verzoek tot adoptie.
4.2
[de minderjarige] heeft in het gesprek met de kinderrechter aangegeven eveneens in te stemmen met het verzoek tot adoptie.
4.3
De rechtbank heeft op grond van de overgelegde stukken de overtuiging dat de gevraagde adoptie in het kennelijk belang van [de minderjarige] is. Nu ook overigens aan de wettelijke gronden voor adoptie van artikel 1:227 BW Pro en aan de wettelijke voorwaarden voor adoptie van artikel 1:228 BW Pro is voldaan, zal het verzoek worden toegewezen. Hierbij heeft de rechtbank nog in aanmerking genomen dat de Raad heeft aangegeven geen onderzoek te zullen doen.
geslachtsnaam [de minderjarige]
4.4
Verzoekster en de vader hebben reeds twee kinderen tot wie zij in familierechtelijke betrekking staan zodat [de minderjarige] het derde kind is tot wie verzoekster en de vader in familierechtelijke betrekking komen te staan.
4.5
Op grond van het bepaalde in artikel 1:5, zevende lid, BW kan een kind van 16 jaar of ouder dat wordt geadopteerd een keuze doen voor de geslachtsnaam die hij na de adoptie zal dragen. Deze naamskeuze is gebonden aan de naam van degene die hem adopteert dan wel adopteren en met wie hij in familierechtelijke betrekking komt te staan. [de minderjarige] heeft de leeftijd van 16 jaar of ouder bereikt. [de minderjarige] heeft een gesprek gehad met de kinderrechter en hij heeft voorts een schriftelijke verklaring ondertekend, waaruit blijkt dat hij na de adoptie door verzoekster de geslachtsnaam [X] wil behouden.
gezag
4.6
De vader is thans alleen belast met het gezag over [de minderjarige] . Op het moment dat de onderhavige beschikking in kracht van gewijsde is gegaan, is verzoekster (naast de vader) de juridische ouder van [de minderjarige] . In de situatie dat [de minderjarige] op dat moment nog minderjarig zou zijn, zouden verzoekster en de vader vanaf dat moment het gezag over [de minderjarige] gezamenlijk uitoefenen. [de minderjarige] wordt echter op [datum] 2022 18 jaar oud en daarmee meerderjarig. Uit het vorenstaande volgt dat deze beschikking voor wat betreft het gezag over [de minderjarige] geen gevolgen zal hebben.
inschrijving geboorteakte [de minderjarige]
4.7
Bij de stukken bevindt zich een gewaarmerkt afschrift van de geboorteakte van [de minderjarige] . Gelijk de ABS heeft aangegeven, is de rechtbank van oordeel dat dit stuk vatbaar is voor inschrijving in de registers van de burgerlijke stand te ’s-Gravenhage. Dit stuk is immers voorzien van de vereiste legalisaties.

5.Beslissing

5.1
spreekt uit de adoptie van de minderjarige van het mannelijk geslacht:
- [naam], geboren op [geboortedag] 2004 te [geboorteplaats] ,
door verzoekster voornoemd;
5.2
gelast de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage de hierboven onder 4.7 vermelde geboorteakte van [de minderjarige] in te schrijven in de registers van de burgerlijke stand;
5.3
gelast de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage een latere vermelding van de adoptie aan de daarvoor in aanmerking komende akte toe te voegen;
5.4
draagt de griffier - op grond van artikel 1:20e lid 1 BW - op niet eerder dan drie maanden na de dag van de uitspraak van deze beschikking - en indien daartegen geen hoger beroep is ingesteld - een afschrift van deze beschikking te zenden aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ‘s-Gravenhage.
Deze beschikking is gegeven door mr. M.A.J. Berkers, rechter, tevens kinderrechter, in tegenwoordigheid van A.M. Bergen, griffier en in het openbaar uitgesproken op 30 augustus 2022.
Tegen deze beschikking kan – voor zover er definitief is beslist – door tussenkomst van een advocaat hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. De verzoekende partij en verschenen belanghebbenden dienen het hoger beroep binnen de termijn van drie maanden na de dag van de uitspraak in te stellen. Andere belanghebbenden dienen het beroep in te stellen binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden.