ECLI:NL:RBNHO:2022:8156
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte medeplegen bedrijfsinbraak te Purmerend
Op 4 juni 2020 vond een bedrijfsinbraak plaats in Purmerend waarbij kleding werd weggenomen. Verdachte werd ervan beschuldigd medepleger te zijn van deze inbraak, mede op basis van GPS-gegevens, camerabeelden en telefoongegevens. De officier van justitie eiste een gevangenisstraf van twee maanden, waarvan één voorwaardelijk.
De verdediging stelde dat verdachte niet als medepleger kon worden aangemerkt omdat hij geen uitvoeringshandelingen had verricht en mogelijk slechts als vervoerder van de buit had gefungeerd. De rechtbank concludeerde dat het wettig en overtuigend bewijs ontbrak om medeplegen vast te stellen, mede omdat de identiteit van de daders op camerabeelden en forensisch onderzoek niet kon worden vastgesteld.
Hoewel er aanwijzingen waren voor betrokkenheid van verdachte, waren deze onvoldoende om hem te veroordelen. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van het ten laste gelegde medeplegen van bedrijfsinbraak. De in beslag genomen kleding werd gelast terug te geven aan de rechthebbende.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van medeplegen bedrijfsinbraak wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs.