Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Procesverloop
2.Beoordeling
- levensgevaar;
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade voor een ander;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang.
3.Beslissing
27 juli 2022.
Rechtbank Noord-Holland
Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) verzocht de rechtbank om een machtiging tot opname en verblijf voor betrokkene, die vermoedelijk lijdt aan Alzheimer dementie en bijkomende gezondheidsproblemen zoals urineweginfectie, ondervoeding, slechthorendheid en slechtziendheid.
Tijdens de zitting, die vanwege COVID-19 via beeldverbinding plaatsvond, werden betrokkene, haar advocaat, een specialist ouderengeneeskunde, casemanager dementie en haar dochters gehoord. Uit de medische verklaring en getuigenverklaringen bleek dat betrokkene ernstig nadeel ondervindt door haar aandoening, waaronder levensgevaar en ernstige verwaarlozing.
De rechtbank concludeerde dat opname en verblijf noodzakelijk en geschikt zijn om dit ernstig nadeel te voorkomen, en dat minder ingrijpende maatregelen niet toereikend zijn. Hoewel betrokkene zich verzet tegen opname en haar advocaat pleitte voor een kortere machtigingsduur vanwege het diagnostische karakter van de opname, oordeelde de rechtbank dat de ernst van de situatie en de overbelasting van de dochters een langere machtiging rechtvaardigen.
De machtiging wordt daarom verleend voor de gevraagde periode van zes maanden, tot en met 27 juli 2022, waarbij het belang van een veilige en menswaardige verzorging prevaleert boven het verblijfsverzoek van betrokkene.
Uitkomst: De rechtbank verleent een machtiging tot gedwongen opname en verblijf voor zes maanden wegens ernstig nadeel door vermoedelijke Alzheimer dementie.