ECLI:NL:RBNHO:2022:8605
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding huurovereenkomst wegens huurachterstand niet gerechtvaardigd
De zaak betreft een vordering van de verhuurder tot ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woonruimte wegens herhaalde huurachterstanden door de huurder. De huurder had een achterstand opgebouwd van ruim twee maanden, maar had na dagvaarding een groot deel van de achterstand betaald.
Tijdens de zitting heeft de huurder verweer gevoerd dat hij vanwege medische en financiële problemen niet altijd tijdig kon betalen, maar inmiddels voldoende inkomen heeft om de huur te voldoen. Tevens is gesteld dat de woning speciaal is aangepast voor de zieke vrouw van de huurder, wat het woonbelang versterkt.
De kantonrechter oordeelt dat de actuele huurachterstand te gering is om ontbinding te rechtvaardigen en dat het woonbelang van de huurder zwaarder weegt dan het belang van de verhuurder. Ook het slechte betaalgedrag rechtvaardigt geen ontbinding. De vordering tot ontbinding en ontruiming wordt daarom afgewezen.
Wel wordt de huurder veroordeeld tot betaling van de resterende huurachterstand van €181,64 met wettelijke rente vanaf 31 augustus 2022 en tot vergoeding van de proceskosten van de verhuurder. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De vordering tot ontbinding en ontruiming wordt afgewezen; huurder moet resterende huurachterstand met rente en proceskosten betalen.