ECLI:NL:RBNHO:2022:8787
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herroeping echtscheidingsbeschikking inzake waardering eenmanszaak
Partijen zijn gehuwd geweest en hun huwelijk is ontbonden door een echtscheidingsbeschikking van 22 augustus 2018. In deze beschikking is onder meer afgesproken dat de eenmanszaak van de man bindend zou worden gewaardeerd door een gezamenlijk gekozen accountant, [Belastingadviseurs & Accountants].
De vrouw verzoekt om herroeping van deze beschikking op grond van vermeend bedrog en onjuiste waardering door de accountant, mede omdat zij een schijn van partijdigheid vermoedt en inzage in financiële gegevens wordt geweigerd. De man voert verweer met onder meer het argument dat de rechtbank niet bevoegd is en dat het verzoek niet tijdig is ingediend.
De rechtbank oordeelt dat zij wel bevoegd is omdat het gerechtshof zich alleen over de alimentatie heeft uitgesproken en niet over de waardering van de onderneming. Echter, de rechtbank stelt vast dat de waardering geen rechterlijke beslissing betreft maar een vastlegging van afspraken tussen partijen. Hierdoor is herroeping op grond van artikel 382 Rv Pro niet mogelijk.
De rechtbank wijst het verzoek af en veroordeelt de vrouw in de proceskosten vanwege het nodeloos aanhangig maken van de procedure. De beslissing is uitvoerbaar bij voorraad en hoger beroep is mogelijk binnen drie maanden.
Uitkomst: Verzoek tot herroeping van de echtscheidingsbeschikking inzake waardering eenmanszaak wordt afgewezen.