Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De procedure
2.De vaststaande feiten
3.De beoordeling van de rechtbank
(€ 70.916,67) voor de helft (dus € 35.458,33) aan de man terugbetaald dient te worden.
€ 34.000. De man heeft zijn stelling dat er rekening moet worden gehouden met pensioenpremies niet met stukken onderbouwd, zodat met deze stelling geen rekening wordt gehouden;
- geen rekening wordt gehouden met de woonlasten van de man voor zover deze een bedrag van € 769 per maand te boven gaan, omdat dit meerdere, mede gelet op het inkomen van de man, het plafond van een redelijke woonlast overstijgt;
- de man heeft aangegeven maandelijks een bedrag ad € 200 te betalen aan zijn kinderen uit een vorige relatie. De vrouw heeft ter zitting bevestigd dat de man dit bedrag betaalt. De rechtbank heeft dit bedrag meegenomen in de berekening onder de post ‘andere bijzondere kosten’ omdat de kinderen van de man de leeftijd van 21 jaar (nagenoeg) hebben bereikt, waardoor de onderhoudsbijdrage niet langer voorrang heeft op de partnerbijdrage van de vrouw.