Uitspraak
RECHTBANK Noord-Holland
1.[eiser/gedaagde1],
2.
[eiser/gedaagde2],
1.[gedaagde/eiser1],2. [gedaagde/eiser2],3. [gedaagde/eiser3],
[gedaagde/eiser4],
5.
[gedaagde/eiser5],
6.
[gedaagde/eiser6],
Rechtbank Noord-Holland
De zaak betreft een geschil tussen broers over het gebruik en eigendom van een woning die sinds 1988 eigendom is van eisers. Gedaagden wonen sinds 1993 in de woning en stellen dat zij eigenaar zijn door koop of verjaring. Eisers stellen dat sprake is van een bruikleenovereenkomst die zij hebben opgezegd.
De rechtbank oordeelt dat er geen koopovereenkomst is gesloten in 1994 of 2017, omdat de afspraken over de koopprijs onvoldoende duidelijk zijn en niet onderbouwd met stukken. Ook is geen sprake van eigendomsverkrijging door verjaring, omdat gedaagden de woning met instemming van eisers gebruiken en dus geen bezit hebben.
De overeenkomst wordt gekwalificeerd als bruikleenovereenkomst. Opzegging daarvan vereist een zwaarwegende grond, die hier ontbreekt omdat gedaagden een groot belang hebben bij het gebruik en de afwikkeling van de vof nog niet heeft plaatsgevonden. Daarom mogen gedaagden in de woning blijven wonen.
De rechtbank wijst alle vorderingen tot ontruiming en eigendomsoverdracht af, behalve de verklaring voor recht dat de woning eigendom is van eisers. Proceskosten worden gecompenseerd vanwege de familieband.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen tot ontruiming en eigendomsoverdracht af en bevestigt dat de woning eigendom is van eisers.