Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens het stil laten staan van een voertuig op een plek waar dit verboden is volgens bord E2 (verbod stilstaan). Betrokkene stelde beroep in bij de officier van justitie, die dit ongegrond verklaarde. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter.
Op de zitting was de vertegenwoordiger van de officier van justitie aanwezig, maar de gemachtigde van betrokkene niet. De officier van justitie handhaafde de beslissing en verzocht het beroep ongegrond te verklaren.
De kantonrechter overwoog dat uit de verklaring van de verbalisant en de foto’s voldoende blijkt dat het voertuig op een verboden plek stond. Hoewel de verbalisant sprak over één bord E2, bleek uit ambtshalve raadpleging van Google Maps dat er aan beide zijden van de weg een bord E2 aanwezig was. Het negeren of over het hoofd zien van het bord is voor rekening van betrokkene.
De kantonrechter zag geen reden om de boete te matigen en verklaarde het beroep ongegrond. Tevens wees hij het verzoek om proceskostenvergoeding af. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden binnen zes weken.