Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNHO:2023:10534

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
19 september 2023
Publicatiedatum
20 oktober 2023
Zaaknummer
10606692 \ WM VERZ 23-421
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9 WAHVArt. 14 WAHVbijlage I RVV 1990
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep ongegrond verklaard tegen boete voor overtreden geslotenverklaring motorvoertuigen

Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens het handelen in strijd met een geslotenverklaring voor motorvoertuigen op meer dan twee wielen, aangeduid met bord C6 bijlage I RVV 1990. Betrokkene stelde beroep in bij de officier van justitie, maar diende geen gronden in. De officier van justitie verklaarde het beroep niet-ontvankelijk en wees betrokkene op de mogelijkheid om binnen vier weken alsnog gronden te verstrekken.

Betrokkene reageerde niet op deze waarschuwing. Vervolgens stelde betrokkene beroep in bij de kantonrechter. Tijdens de zitting op 19 september 2023 verscheen alleen de vertegenwoordiger van de officier van justitie; betrokkene was afwezig. De kantonrechter verklaarde het beroep ongegrond omdat de officier van justitie het beroep terecht niet-ontvankelijk had verklaard.

De kantonrechter kwam daardoor niet toe aan de inhoudelijke beoordeling van de boete. Tegen deze uitspraak kan betrokkene binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, mits de boete hoger is dan €110. De procedure in hoger beroep is schriftelijk, tenzij mondelinge behandeling wordt verzocht.

Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van gronden, waardoor de boete in stand blijft.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Zaandam
Zaaknummer : 10606692 \ WM VERZ 23-421
CJIB-nummer : 247894230
Uitspraakdatum : 19 september 2023
Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
in de zaak van
[betrokkene]
(hierna te noemen: betrokkene).

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 19 september 2023. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Overwegingen

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: handelen ism een geslotenverklaring voor motorvoertuigen op meer dan 2 wielen, bord C 6 bijlage I RVV 1990.
Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd.
Betrokkene heeft bij het beroep bij de officier van justitie geen gronden aangevoerd.
Het beroep is door betrokkene ingesteld op 6 april 2022. De officier van justitie heeft op 20 september 2022 een brief aan betrokkene verzonden. In deze brief is betrokkene gewezen op de ontbrekende gronden en in de gelegenheid gesteld dit gebrek binnen vier weken te herstellen. Tevens is betrokkene er in de brief van 20 september 2022 op gewezen dat het niet/niet tijdig verstrekken van die stukken ertoe kan leiden, dat het beroep ongegrond of niet-ontvankelijk zal worden verklaard. Betrokkene heeft daarop niet meer gereageerd. De officier van justitie heeft het beroep van betrokkene bij de officier dus terecht niet-ontvankelijk verklaard.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Dat betekent ook dat de kantonrechter niet toekomt aan de beoordeling of de boete terecht is opgelegd.

De uitspraak

De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. P.J. Jansen, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV Pro hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,00. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Datum toezending: