De gecertificeerde instelling Jeugdbescherming te Amsterdam verzocht om verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige voor de duur van een jaar. De minderjarige verblijft sinds geruime tijd in een netwerkpleeggezin bij de tante van moederszijde, waar zij zich positief ontwikkelt na eerdere verwaarlozing en mishandeling in haar thuissituatie.
Hoewel de moeder aanvankelijk tegen de plaatsing was, wijzigde zij haar standpunt tijdens de zitting en gaf zij toestemming voor de uithuisplaatsing. De kinderrechter erkent deze positieve ontwikkeling, maar acht de situatie nog te kwetsbaar om de verzoeken volledig toe te wijzen. Daarom wordt de machtiging en ondertoezichtstelling verlengd voor een kortere periode van drie maanden.
Deze termijn biedt de gecertificeerde instelling de mogelijkheid om de ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing zorgvuldig af te ronden en de zorg over te dragen aan het vrijwillig kader. De beslissing op het overige verzoek wordt aangehouden tot een pro forma zitting in januari 2024. De vader en pleegmoeder onderschrijven het verzoek en benadrukken de positieve ontwikkeling van de minderjarige.